Tegenstellingen oproepen
Oppositiepartijen en media gedijen meestal beter bij tegenstellingen dan bij harmonie. Dat weet ook de heer Andringa van de lokale partij OpsterLanders, die in de Woudklank van 20 januari zijn opinie zoals gebruikelijk weer eens zwaar aanzet. Er zou sprake zijn van een verscherping van verhoudingen in de raad. Misschien dat het goed is om terug te gaan naar de feiten.
Bij de behandeling van de begroting 2011 in de gemeenteraad bleek dat zowel coalitie- als oppositiepartijen moties en amendementen indienden. Soms steunden de coalitiepartijen de motie of een amendement van de oppositie, zoals bijvoorbeeld van de PvdA over de bibliotheek en over een korting op maatschappelijk werk. Ook kwam dit andersom voor, waarbij de oppositie de wijzigingsvoorstellen van de coalitiepartijen steunden. OpsterLanders kwam met een niet goed financieel onderbouwd overzicht, dat een tegenbegroting werd genoemd. Daarnaast kwam men met vier amendementen en zes moties, die zo onrealistisch waren dat deze door geen enkele andere partij werden gesteund. Vervolgens was OpsterLanders de enige partij die niet voor de begroting stemde. Dit lijkt meer op een tegenstelling tussen OpsterLanders en “de rest” als tussen coalitiepartijen en “de rest” wat Andringa in zijn betoog aangeeft. Hij geeft in zijn stuk overigens aan dat het tegenstemmen te maken had met het “weinig weggeven aan de oppositiepartijen”. Als dat de overweging is om tegen een gedegen sociale begroting te stemmen, lijkt dat meer op gefrustreerd gedrag dan op serieus politiek bedrijven. Overigens is dit politieke spel van OpsterLanders niet nieuw. Wanneer we de algemene beschouwingen nog eens lezen van 2008 en 2009 dan zien we daar hetzelfde spel, boordevol kritiek wanneer het gaat over de financiële uitkomst. Ook in 2008 werd een tegenbegroting ingediend waarvan de inhoud door de andere partijen snel van tafel werd geveegd. Veelal verwijtend richting het college en maar verzuchten dat niemand er iets van snapt behalve eigen fractie. Het trekt wel de aandacht van de pers, maar verstandige inwoners van Opsterland hebben dit spel van politiek bedrijven hopelijk snel door.
Dat het voor zal komen dat coalitiepartijen voor een collegevoorstel zullen stemmen en de oppositie niet, is niet onlogisch en dan geldt in de democratie dat ook een kleine meerderheid de doorslag geeft. Het is inderdaad voorgekomen dat de coalitiepartijen tegen een voorstel van het college stemden, maar dit geeft juist aan dat het dualisme in praktijk wordt gebracht, wat mogelijkheden biedt voor oppositiepartijen om met goede voorstellen de coalitiepartijen “mee te krijgen”.
Andringa zegt dat de coalitie “er alleen maar zit om macht uit te oefenen”, wat hij met een voorbeeld onderbouwd. Hij rept over een motie, die bij de laatste raadsvergadering door de oppositiepartijen werd ingediend en niet door de coalitiepartijen werd gesteund. Andringa vergeet te vertellen dat de coalitie heeft aangegeven van harte achter de inhoud van de motie te staan, maar deze overbodig te achten, gezien de inhoud van het coalitieakkoord en de toezeggingen van het college. Om hiervan dus een ernstige tegenstelling te maken riekt naar stemmingmakerij en populisme. Gelukkig zijn de verhoudingen in de gemeenteraad van Opsterland over het geheel genomen erg goed en de bijdragen van de meeste fracties zijn constructief. Andringa probeert een ander beeld te schetsen en dat zegt meer over hem en zijn partij dan over de feitelijke situatie.
Gerrit Weening
Fractievoorzitter ChristenUnie Opsterland

